Slagwerk

De slagwerkgroep is bijzonder veelzijdig. Over de gehele wereld is slagwerk ontwikkeld, en veel instrumenten hebben de weg naar de fanfare gevonden. Denk maar aan de gong uit het Verre Oosten. Of de castagnetten uit Spanje. Slagwerk kunnen we onderverdelen in verschillende groepen:

Gestemd slagwerk produceert een regelmatige toon die je kunt nazingen. Dit is het geval bij onder andere klokkenspel, xylofoon, buisklokken en pauken. Een pauk is een bijzonder instrument: met behulp van een pedaal kan het vel van de pauk worden aangespannen. Precies zover tot de gewenste toonhoogte te horen is.

Ongestemd slagwerk maakt een geluid dat bestaat uit onregelmatige geluidstrillingen. Er ontstaat wel geluid, maar geen toon. Dit is het geval bij kleine en grote trom, tom toms, bekkens, gong en drumstel.

Percussie tot slot: hieronder verstaan we het grote assortiment van kleine slagwerkinstrumenten. Voorbeelden zijn de woodblock, triangel, castagnetten, shaker, cowbell en sleighbells. Maar percussie is meer: ook handtrommels (als bongo en conga) worden tot de familie gerekend.

Speeltechnieken

Veel slagwerk wordt bespeeld met behulp van stokken (vaak van hout, soms van kunststof of metaal). Soms zijn de stokken voorzien van koppen die met vilt of draad omwonden kunnen zijn, zoals de stokken van de marimba. Diverse trommels en derivaten worden ook soms met de hand bespeeld. De grote trom en bekkens kennen soms een met een pedaal bediende stok.

Sommige 'afwijkende' speeltechnieken worden door slagwerkers soms gebruikt waarbij niet de slag met een stok of met de hand, maar een ander wijze van klankvoortbrenging wordt gebruikt. Hoewel vrijwel alle slagwerkinstrumenten door middel van een slagtechniek bespeeld kunnen worden, zijn er ook variaties en alternatieven: met of zonder stok slaan (met de hand). Sommige slagwerkinstrumenten, zoals de vibrafoon en crotales kunnen bovendien met een strijkstok (meestal die van een contrabas) bespeeld worden, hetgeen genoteerd wordt als arco. Ook shakers (bijvoorbeeld kalebassen met daarin pitjes, of sambaballen worden niet altijd door slag, maar door puur bewegen tot klinken gebracht.