Fanfareorkest

Mensen die nog nooit een concert van ons orkest bezochten, blijken een totaal verkeerd beeld te hebben van het moderne fanfareorkest. We lopen wel minder op straat, maar we kunnen tegenwoordig veel meer.

Het repertoire is veelzijdig, van mars tot musical, van klassiek tot pop, religieuze muziek, eigentijdse composities en vaak swingt het de pan uit. Er worden concerten gegeven, er wordt aan concoursen deelgenomen, solistenconcoursen georganiseerd, voorspeelmiddagen van leerlingen en studiedagen gehouden.

Naast de vele concerten zijn ook veel radio-uitzendingen van diverse regionale omroepen aan “De Hoop” gewijd.
Ook de KRO en de NCRV zonden concerten uit. Belangrijke componisten van blaasmuziek bezochten Stellendam om premières van hun werken voor te bereiden met het orkest.

In 1996 bestond de vereniging 100 jaar, dat jubileum werd bekroond met een cd waarop de vereniging zich profileert in het lichtere genre.

De Hoop gaat door middel van plaatsing via een bondsconcours al sinds 1981 naar het topconcours in het Musis Sacrum te Arnhem, dit prestigieuze concours wordt elk jaar in deze prachtige concertzaal gehouden. Muziekliefhebbers uit het hele land bezoeken dit evenement, omroepen maken er radioreportages van en de laatste jaren worden er zelfs “live” cd’s van de diverse optredens gemaakt. Het is een wedstrijd om het landskampioenschap, waarvoor ongeveer zes orkesten worden uitgenodigd die het afgelopen jaar de hoogste scores behaalden op bondsconcoursen.

De Hoop behaalde al acht keer de nationale landstitel: in 1983, 1989, 1997, 2000, 2004, 2005, 2006 en 2007.
In 1997 behaalde De Hoop het hoogst aantal punten ooit door de club op een topconcours behaald, namelijk 173,5 punten met het nummer Composition VIII van de Nederlandse componist Leon Vliex.

Componist Leon Vliex zegt het volgende over zijn compositie;
“Iedere componist” heeft zijn inspiratiebronnen waaruit hij kan putten bij het componeren van een nieuw werk.
Voor de één kan dat de natuur zijn, voor de ander een schilderij of een bepaalde gebeurtenis.
De schilderijen van Wassily Kandinsky en de muziek van Dimitri Shostakovich, Hardy Mertens en John Adams zijn
een grote bron van inspiratie geweest voor het creëren van Composition VIII.
Ze hebben een belangrijke bijdrage geleverd tot het ontwikkelen van mijn eigen ideeën.”

Eén van de mooiste schilderijen van Kandinsky is “Composition VIII” hetgeen meteen al de titel verklaart.
De kleurcomposities en het zweven van schaakbordachtige patronen, cirkels en halve cirkels in het beeldvak spraken me vanaf het begin enorm aan. Het notenmateriaal, dat grotendeels wordt bepaald door het gebruik van de octotonische toonladder beginnend met een halve secunde, is sterk verwant met dat van Shostakovich in oa. zijn Symfonie no 10. Ik gebruik dit notenmateriaal zowel horizontaal als verticaal. Een onuitwisbare indruk heeft één van de composities van Hardy Mertens op me gemaakt.
Is er nog leven na “The Eighteen Levels of Hell”? En tenslotte de ongelofelijke stuwende kracht van de muziek van John Adams, waar voor je gevoel geen eind aan lijkt te komen”.

In 2014 was er weer gekozen om naar Enschede af te reizen om wederom in de concertdivisie deel te nemen, dit was de laatste mogelijkheid om mee te doen aan een landelijk bondsconcours in deze vorm voordat de muziekbonden per provincie zullen worden opgedeeld en de KNMO de landelijke organisatie zal worden.

Voor dit concours had het orkest weer een bijzonder muziekwerk voor de jury en het publiek in petto, namelijk de muzikale vertolking van een Het boek De verschrikkingen van het ijs en de duisternis van de Oostenrijkse schrijver Christoph Ransmayr. Deze compositie heeft de componist Harry Janssen geschreven ter gelegenheid van het 25-jarig bestaan van het Gelders Fanfare Orkest in 2013 en voor de deelname aan het Wereld Muziek Concours 2013 in Kerkrade.

Het verhaal gaat over het zeilstoomschip Admiral Tegetthoff welke in juli 1872 vertrok vanuit de Noorse haven Tromsø, met aan boord de Oostenrijks-Hongaarse Noordpoolexpeditie van Julius von Payer en Carl Weyprecht. Doel: het vinden van de Noordoostelijke Doorvaart voor schepen van de Atlantische Oceaan naar de Grote Oceaan.

Eind augustus, eerder dan verwacht, kwam het schip vast te zitten in het ijs. De bemanning verkende vervolgens het gebied ten noordwesten van Nova Zembla. Maar in de zomer van 1873 brak het schip niet los uit het pakijs, zoals men had gehoopt. Wel ontdekte het team in die periode een nieuwe archipel, die Frans Jozefland werd genoemd. Na een tweede poolwinter vol ontberingen zat het schip nog steeds muurvast. De bemanningsleden besloten de Tegetthoff op te geven en met sleden en reddingssloepen terug te keren naar de bewoonde wereld. Half augustus 1874 bereikten ze de open zee – en twee weken later het vasteland van Rusland. Wonderwel kostte de expeditie aan slechts één lid het leven.

De uitgebreide verslagen die er van de expeditie zijn inspireerden de Oostenrijkse schrijver Christoph Ransmayr ruim honderd jaar later tot het schrijven van zijn roman “Die Schrecken des Eises und der Finsternis”. Toen het Gelders Fanfare Orkest componist Harrie Janssen vroeg een werk te schrijven ter gelegenheid van het 25-jarig jubileum en de deelname aan het Wereld Muziek Concours 2013 in Kerkrade, had Janssen al enige tijd het idee om een stuk te schrijven voor orkest en spreekstem.  Het verhaal van Ransmayr, een van Janssens’ lievelingsauteurs, bleek een zeer geschikte basis te zijn. Het heeft alle ingrediënten voor een opbouw in spanning en sfeer – en voor de nodige interactie tussen orkest en spreker, die in het kader van de verklankte gebeurtenissen op elkaar kunnen reageren. Wie met de ogen dicht luistert naar De verschrikkingen van het ijs en de duisternis, ziet de Admiral Tegetthoff hopeloos vastgeklemd tussen de dreigende ijsmassa’s, het geploeter van de mannen in het duister van de poolwinter en het betoverende kleurenspel van het noorderlicht.

De spreker in deze muzikale vertolking was in handen van Frans Limburg welke ook de premiere met het GFO heeft gedaan. Frans vond het zeer leuk om het werk ook met De Hoop uit voeren.

Het tweede muziekwerk was ook deze keer weer van componist Maurice Hamers Lost Herritage en ook deze compositie was er één met een verhaal. De compositie Lost Heritage is door Maurice Hamers gecomponeerd voor de Fanfare Koninklijke Landmacht. 
Dit orkest is vanwege bezuinigingen bij defensie eind 2012 opgeheven. Het enige professionele militaire fanfareorkest ter wereld bestaat sindsdien niet meer. 
Maurice Hamers had de eer om voor de laatste concerten dit stuk te schrijven. 
Hierin beschrijft hij niet alleen het leven van een militair muzikant en het opheffen van het orkest in 2012, 
maar memoreert hij ook aan de Hercules ramp van 1996, waarbij het eerste Fanfareorkest van de Landmacht is verongelukt. 
Gelukkig blijft er hoop, ondanks dat door het opheffen van de FKKL een stuk Nederlands erfgoed verloren is gegaan.

Het optreden van orkest werd beloond met 95 punten en het predicaat Zeer Goed en betekende wederom een kampioenstitel in de concertdivisie.